Minder
mensen voor hartinfarct in ziekenhuis
Het aantal mensen dat met een acuut hartinfarct in een ziekenhuis
werd opgenomen, is tussen 1995 en 2005 met bijna een derde gedaald.
Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek
(CBS). In 2005 belandden 12 mensen per 10 duizend inwoners van
Nederland met een acuut hartinfarct in het ziekenhuis. De daling
was bij mannen (34%) sterker dan bij vrouwen (27%). Een mogelijke
verklaring voor de daling is dat steeds minder mensen een verhoogd
cholesterolgehalte hebben. Dit komt onder andere door een toenemend
gebruik van cholesterolverlagende medicijnen. Maar ook veranderingen
in leefstijl, zoals minder roken bij mannen en minder inname van
transvetzuren, spelen een rol, denkt het CBS.
Datum:
10 maart 2008 Bron: CBS, ANP
Reistips
voor hartpatiënten
Reizen
kost energie en kan dus een extra belasting vormen voor het hart.
Voor patiënten met een hartinfarct of angina pectoris gelden geen
algemene beperkingen. In principe kunnen zij reizen per vliegtuig,
auto of trein. De reisplannen moeten alleen worden afgestemd op
het uithoudingsvermogen.
VRAAG
Hoe kan ik mij als hartpatiënt het beste voorbereiden op mijn
vakantie?
ANTWOORD
Een goede voorbereiding is belangrijk, zeker bij buitenlandse
reizen. Het transport moet van tevoren worden geregeld. Het is
van belang goed geïnformeerd te zijn over de aanwezigheid van
trappen en loopafstanden tussen bijvoorbeeld het punt van aankomst
en de verblijfplaats. Eveneens kan het van belang zijn van tevoren
te weten tot welke plaatselijke artsen men zich kan wenden. De
afstanden en het gesjouw op een vliegveld vallen altijd tegen.
Transportbanden maken het wel gemakkelijker, maar vaak is er ergens
in het traject een band uitgevallen. De vliegmaatschappijen bieden
als gratis service transport per elektrisch wagentje van het vliegtuig
tot de afhaalplaats bij de aankomsthal; het reisbureau moet dit
van tevoren aanvragen. Het advies luidt ruim voldoende medicijnen
mee te nemen, evenals de medicijnkaart en een ECG (=elektrocardiogram
=hartfilmpje). Vraag zo mogelijk aan uw arts een fotokopie van
de laatste medische brief over uw toestand, of, beter nog, een
vertaling in het Engels of een andere buitenlandse taal. Wie onder
controle staat bij de trombosedienst kan daar informeren wat voor
mogelijkheden er in het buitenland bestaan.
VRAAG
Hoe kan ik het beste reizen?
ANTWOORD
De beste manier van reizen hangt vooral af van de bestemming.
Overwegingen bij de keuze uit verschillende transportmiddelen
zijn: Lopen is goed voor de conditie maar kan te vermoeiend zijn
bij langere afstanden. Het lichaam geeft goed aan wat het kan.
Wie doorgaat met wandelen, traplopen of andere activiteiten tot
hij kortademig wordt gaat beslist te ver. Wie klachten in rust
heeft, doet er verstandig aan alleen korte eindjes te wandelen.
Fietsen kunnen de meeste mensen vrij lang volhouden. Als men geen
last heeft van ernstig hartfalen is de fiets een prima transportmiddel
voor hartpatiënten.
De auto (eventueel in de vorm van een taxi) brengt iemand meestal
rechtstreeks van deur tot deur. De lichamelijke belasting is zeer
gering, daarom heeft de auto vaak de voorkeur bij een beperkte
conditie (door hartfalen of aangeboren hartafwijkingen). Autoritten
kunnen echter vermoeiend zijn, ook als men niet zelf rijdt. Probeer
niet langer dan vier uur op een dag in de auto te zitten. Als
de afstanden groter zijn, moet men eerder denken aan de trein
of het vliegtuig of aan het rijden in etappes.
De trein en de bus hebben in principe als voordeel dat men niets
zelf hoeft te doen. Daar staat tegenover dat de aansluitingen
niet altijd even gelukkig zijn, met als gevolg wachttijden of
overstappen. Op bushaltes is men vaak blootgesteld aan weer en
wind. Als de verbindingen goed zijn, is de trein een aantrekkelijk
vervoermiddel, zeker voor reizen van langer dan een uur. Het vliegtuig
brengt iemand weliswaar snel van stad tot stad, maar het vervoer
van en naar vliegvelden, het wachten en in rijen staan maken een
vliegreis in de praktijk vaak tot de vermoeiendste manier van
reizen. Van het relatieve zuurstoftekort dat in vliegtuigen kan
optreden, hebben mensen met een infarct of beroerte niet méér
last dan ieder ander. Echter, wie klachten heeft in rust wordt
afgeraden te vliegen.
VRAAG
Ik wandel graag boven de 2000 meter. Is dat verstandig?
ANTWOORD
Hoe hoger men komt in de bergen hoe minder zuurstof er in de lucht
zit. In het algemeen adviseert men mensen met angina pectoris
of een hartinfarct om onder de 1000 meter te blijven.
Vraag
bij uw specialist of hij in het Engels kort kan samenvatten waarom
u onder behandeling bent. Bij onverwachtse opname of ziekte in
het buitenland kan hierdoor snel en duidelijk uw medische geschiedenis
bekeken worden.
Adressen
Voor mensen met een handicap zijn er verschillende organisaties
waar u advies, ondersteuning en hulp kunt krijgen. Voor meer informatie
kunt u bellen met de Informatielijn van de Nederlandse Hartstichting,
tel. 0800 - 3000 300.
Bron :Hartezorg magazine
Handige
tips voor goed medicijngebruik
Wanneer je medicijnen moet slikken, is het belangrijk dat je dat
doet volgens de voorschriften van de arts en de bijsluiter van
het medicijn zelf. Als je je medicijnen goed inneemt, zal het
resultaat het beste zijn en is de kans op bijwerkingen het kleinst.
Hieronder staat een aantal tips die je kunnen helpen om je medicijntherapie
zo goed mogelijk vol te houden.
- Zorg
dat je goed geïnformeerd bij je arts vandaan komt. Vraag door
als je meer wilt weten of iets niet begrijpt.
- Als
je nieuwe medicijnen voorgeschreven krijgt terwijl je al andere
medicijnen slikt, vraag dan altijd of je die wel tegelijkertijd
kunt gebruiken. Verschillende medicijnen kunnen elkaars werking
beïnvloeden en of zelfs opheffen. Bovendien kunnen bepaalde
combinaties van medicijnen gevaarlijk zijn voor je gezondheid.
- Lees
van tevoren de bijsluiter van je medicijnen en let goed op
* hoe je ze moet innemen (bijv. met water);
- *wanneer
je ze moet innemen (bijv. op een lege maag of juist na het
eten);
*hoe je ze moet bewaren;
*wat je moet doen als je ze een keer vergeten bent;
*welke bijwerkingen je kunt verwachten.
- Zorg
ervoor dat je weet bij wie je terecht kunt met vragen over
je behandeling en/of je medicijnen. Vaak is dat de behandelend
arts, maar het kan bijvoorbeeld ook de apotheker zijn.
- Als
je twijfels hebt over de werking van je medicijnen, neem dan
contact op met je arts of apotheker. Vertel altijd duidelijk
hoe en wanneer je je medicijnen inneemt, omdat dat van invloed
kan zijn op het resultaat.
- Als
je veel last hebt van bijwerkingen, neem dan contact op met
je arts of apotheker. Zij kunnen je advies geven over het
voortzetten van de behandeling en eventuele alternatieven
voor de medicijnen die je gebruikt.
- Gebruik
nooit medicijnen van iemand anders. Wat goed is voor een ander,
hoeft bij jou niet dezelfde werking te hebben.
- Let
op de houdbaarheidsdatum van je medicijnen. Gebruik ze niet
meer na deze datum.
- Vergeet
niet je medicijnen mee te nemen als je op vakantie gaat.
- Pas
extra op met medicijnen als je zwanger bent of wilt worden.
Meld dit ook altijd aan je arts. Sommige medicijnen kunnen
schadelijk zijn tijdens een zwangerschap.
- Stop
nooit zelf met je behandeling, maar doe dit uitsluitend in
overleg met je arts of apotheker. Stoppen met het innemen
van je medicijnen terwijl dat nog niet de bedoeling is, kan
een negatief effect hebben op je gezondheid.
- Pas
nooit zelf de dosering van je medicijnen aan, maar doe dit
uitsluitend in overleg met je arts of apotheker. De behandeling
is precies op jouw situatie afgestemd. Als je dit verandert,
kan dat nadelige gevolgen voor je hebben.
In
de medicijngids op ziekenhuis.nl kun je informatie vinden over
heel veel medicijnen.
Klik
hier om
naar de medicijngids te gaan.
bron:
gezondheidsplein
De
Voltreffer.
Voor
inwoners van Amsterdam en omstreken met een handicap of chronische
ziekte
is er een nieuwe gids: De Voltreffer.
De Voltreffer bevat adressen en praktische informatie over zowel
sportactiviteiten zoals voetbal, rolstoelbasketbal of nordic walking
als creatieve activiteiten, zoals koken of keramiek.
De gids is bestemd voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke
en zintuiglijke handicap en voor mensen met een chronische ziekte,
patiënten en andere zorggebruikers.
De Voltreffer is het resultaat van een samenwerking tussen de
gemeente Amsterdam - Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling en MEE
Amstel en Zaan.
Door samen te werken besparen gemeente en MEE Amstel en Zaan op
de totale kosten en profiteren ze van elkaars expertise.
De Voltreffer is bedoeld voor mensen met een handicap die wel
willen sporten, maar niet weten welke sporten er voor hen, gezien
hun beperking, mogelijk zijn en waar zij die sporten kunnen beoefenen.
De Voltreffer biedt ruim 350 activiteiten op het gebied van sport,
creativiteit en andere vrijetijdsmogelijkheden.
De gids kan gratis worden opgevraagd bij: Dienst Maatschappelijke
Ontwikkeling van de gemeente Amsterdam, afdeling Sport,
telefoonnummer: 020 - 552 2490
of per email: sportservice@dmo.amsterdam.nl
en bij MEE Amstel en Zaan, afdeling Informatie & Communicatie,
telefoonnummer: 020-5127272 of via de website: www.meeaz.nl

Nieuwe
dottermethode redt levens
Patiënten met meervatslijden stenten op geleide van FFR-metingen
(Fractional Flow Reserve) blijkt veel beter te zijn dan via de
standaardwijze: 200 minder dotterdoden. Vernauwingen kransslagaders
Vernauwingen in de kransslagaders komen veel voor. Ongeveer 25%
van de Nederlanders ouder dan 50 jaar en maar liefst 40% van de
Nederlanders ouder dan 60 jaar hebben één of meerdere vernauwingen
in zijn of haar kransslagaders. Het merendeel hiervan is relatief
onschuldig: vernauwingen die niet gepaard gaan met zuurstofgebrek
geven geen klachten en kunnen goed behandeld worden met medicijnen.
De kans dat zo’n vernauwing leidt tot dood of hartinfarct is kleiner
dan 1% per jaar. Het plaatsen van een stent (een metalen buisje
dat in een bloedvat wordt geplaatst met het doel dit kanaal open
te houden) is dan niet nodig en geeft onnodige kans op complicaties.
Zuurstofgebrek Een deel van de vernauwingen leidt echter wél tot
zuurstofgebrek in de achter de vernauwing liggende ader. Het zijn
juist deze vernauwingen die klachten geven (angina pectoris) evenals
de kans op hartinfarct of dood. Door zulke vernauwingen te stenten,
wordt de kans op dood of hartinfarct juist verminderd. Het is
dus belangrijk een betrouwbare methode te hebben om zeer nauwkeurig
voor iedere vernauwing apart specifiek te kunnen vaststellen of
deze vernauwing zuurstofgebrek geeft of juist niet. Standaard
versus FFR In de FAME-studie (Fractional Flow Reserve versus Angiography
fot Multivessel Evaluation) werd bij 1000 patiënten op een prospectieve
en gerandomiseerde wijze vergeleken hoe de resultaten waren bij
het stenten van patiënten met meerdere vernauwingen. Dit betekent
dat ongeveer 500 patiënten werden behandeld op de standaard wijze:
elke vernauwing ernstiger dan 50% van de doorsnede van het bloedvat
die de cardioloog visueel op het angiogram constateerde, werd
gestent. De andere helft werd behandeld op basis van de bloeddrukmetingen
voor en achter de vernauwingen (zogenaamde FFR-metingen, Fractionele
Flow Reserve), waarbij uitsluitend stents geplaatst werden in
vernauwingen die een ‘afwijkende’ FFR-bepaling hadden. Dit zijn
de vernauwingen die gepaard gaan met zuurstofgebrek. Bevindingen
Stenten bij patiënten met meervatslijden op geleide van de FFR-metingen
bleek veel beter te zijn. Zowel sterfte, optreden van hartinfarct,
noodzaak tot bypassoperatie of nieuwe dotterprocedure namen alle
met 1/3 deel af. Bovendien was de behandeling met gebruikmaking
van FFR beduidend goedkoper, nam niet meer tijd in beslag en ging
gepaard met kortere ziekenhuisopname. Ook bleek bij de patiënten
die met de FFR-strategie werden behandeld even vaak dat de klachten
van angina pectoris volledig verdwenen waren.
Bron(nen):
Catharina Ziekenhuis
ntioxidant
kan ernstig hartfalen omkeren
Een
geneesmiddel dat gebruikt wordt voor de behandeling van een ongeneeslijke,
erfelijke stofwisselingsziekte, blijkt ook in staat om hartschade
om te keren.
Dat hebben artsen van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen (UZA)
en onderzoekers van Johns Hopkins University (Baltimore, VS) ontdekt.
Het medisch vaktijdschrift Circulation publiceerde deze resultaten.
De onderzoekers ontdekten dat de chemische stof BH4 (tetrahydrobiopterine)
hartschade kan afremmen en omkeren.
Tot nu toe wordt BH4 gebruikt voor de behandeling van fenylketonurie
of PKU.
Dat is een erfelijke en aangeboren stofwisselingsziekte die veroorzaakt
wordt
doordat de lever één bestanddeel van eiwitten, het aminozuur fenylalanine,
niet of voldoende verwerkt.
Tijdens dierexperimenteel onderzoek stelden de onderzoekers vast
dat
BH4 niet alleen de verminderde pompfunctie na hartfalen stabiliseert,
maar ook gedeeltelijk herstelt.
Bovendien bleek BH4 de vergroting van de hartkamers af te remmen
en de groei van de hartmassa te beperken.
Ook de aanmaak van vrije zuurstofradicalen wordt door BH4 afgeremd.
Die vrije zuurstof radicalen brengen schade toe aan onderdelen
van de hartcel waardoor de cel afsterft. "Het hart ondervindt
duidelijk een aantal positieve effecten door de toediening van
BH4," zegt dr. An Moens, verbonden aan de dienst cardiologie van
het UZA.
"Uit ons onderzoek blijkt dat BH4 de schade aan de linker hartkamer
afremt en zelfs kan omkeren. BH4 heeft zeer specifieke antioxiderende
eigenschappen.
Meer algemene antioxidanten kunnen het gunstige effect van BH4
op bestaand hartfalen niet evenaren. Mogelijk leggen we met deze
ontdekking de basis voor toekomstige therapieën die de levensbedreigende
gevolgen van aanhoudende hoge bloeddruk kunnen voorkomen."
In ons land lijden meer naar schatting 2 miljoen mensen aan hoge
bloeddruk.
Eén van de mogelijke gevolgen van een aanhoudende hoge bloeddruk
is een groei van het hart. Hierdoor wordt de hartwand minder soepel
en kunnen de vergrootte hartkamers tijdens de hartontspanning
zich minder goed vullen met bloed.
Het risico op cardiovasculaire aandoeningen zoals hartfalen of
een hartstilstand neemt dan met twee tot drie keer toe. Goede
bloeddrukcontrole is essentieel om de evolutie naar hartfalen
te voorkomen. De helft van de mensen met een hoge bloeddruk wordt
niet of onvoldoende behandeld. Eerder forceerden dezelfde onderzoekers
al een doorbraak in het beperken van hartschade na een hartinfarct
met foliumzuur.
Foliumzuur verhoogt de hoeveelheid BH4 in de vaatwand. Het onderzoeksteam
gaat nu verder onderzoeken wat het effect is van combinatietherapie
met vitaminesupplementen zoals foliumzuur en vitamine C. Nog dit
jaar starten ze patiëntenstudies op.
Bron:artsennet
Veel
onduidelijk over werkhervatting na operatieve ingreep
Het VU Medisch Centrum start een groot onderzoek om te komen tot een
richtlijn voor postoperatieve adviezen. Artsen geven nu vaak onduidelijk
of tegenstrijdige adviezen na een operatie en hebben behoefte
aan betere afstemming over werkhervatting na een chirurgische
ingreep. Er is veel onzekerheid bij patiënten en hun werkgevers
over wat wel en niet kan. Eén oorzaken is onvoldoende kennis bij
huisartsen, bedrijfsartsen en gynaecologen over het effect van
operaties op het herstel en terugkeer naar werk. Verder is er
te weining afstemming tussen de artsen en is er weinig bekend
over problemen die patiënten ervaren bij fysiek en mentaal herstel
na een operatie.
Geen duidelijke richtlijnen.
Uit onderzoek blijkt dat er geen duidelijke richtlijnen bestaan
hoe mensen na een chirurgische ingreep weer aan de slag kunnen.
Gevolg hiervan is dat mensen te lang uit het werkproces blijven
en er grote risico’s zijn op structurele uitval uit het arbeidsproces.
Arbeidsongeschiktheid
Ook geeft onderzoek aan dat langdurige arbeidsongeschiktheid bijdraagt
aan een slechte gezondheid en een minder psychisch welbevinden
en zelfs een verhoging van het mortaliteitscijfers. Ondanks al
deze negatieve effecten van te late werkhervatting wordt door
de behandelend specialisten weinig aandacht besteed aan werkhervatting.
Zij lijken onvoldoende op de hoogte te zijn van de fysieke belasting
van de verschillende beroepen.
Overleg
over werkhervatting
Daarnaast hebben de behandelende specialisten in de periode voor,
tijdens en na de operatie onderling geen contact over werkhervatting
van de patiënt. Naast het gebrek aan goede informatie is de patiënt
vaak ook onzeker over het postoperatieve herstel en belastbaarheid
bij het werk. Het onderzoek moet leiden tot een mulitdisciplinaire
richtlijn en een patiëntenweblog. Op de weblog kunnen patiënten
ondersteuning op maat krijgen en ontvangen zij duidelijke adviezen
over werkhervatting. ZonMw bekostigt het onderzoek welke in 2010
afgerond wordt.
Bron(nen):
VU Medisch Centrum
Publicatie
datum: 10-02-2009